Voor het behalen van mijn diploma is het sinds vorig jaar vereist dat ik tien studiepunten verbredingsvakken volg. Dat zijn vakken uit andere richtingen, omdat ze niet wisten hoe het jaar vol te krijgen elke wetenschapper ruim gevormd moet zijn. Ik heb het voorrecht gehad ooit een vak Creativiteit te mogen meevolgen met de economen, en een vak Ondernemerschap met de biomedici (de tweede keer dat ik als tUL-student in Maastricht kwam!), dus moesten er nog maar drie studiepunten worden ingevuld.
Het zijn voornamelijk eerstejaarsvakken, omdat men geen voorkennis kan verwachten. Ik had graag eens bij de rechtenstudenten gekeken, maar die waren zo nieuw dat ze nog niet op de lijst stonden. Economie heb ik in het middelbaar al achter mij gelaten, net zoals vakken met labo’s: in de realiteit lukken die proefjes toch nooit, en moet je je resultaten verzinnen. Veel bleef er dan niet over, maar toch nog genoeg: bij de biologen hebben ze het duo Genetica en Evolutie en fylogenie. Genetica zag er teveel uit als een herhaling, maar die Evolutie en fylogedinges leek wel een perfecte match: een beetje vertellen over de evolutieleer, het was Darwinjaar, en Beagle is leuke tv. Hou maar een bankje warm, ik kom er aan!
De eerste les was vorige week (gelukkig, want ik heb ze pas drie weken geleden gevonden op het lessenrooster), en die was meteen hoe het moest zijn. Twee uur over het ontstaan van de evolutietheorie, boeiend verteld, en voldoende nieuwe informatie. Daarna een stukje dat wat technischer werd, ik moet een klein beetje genetica (her)bekijken, maar nog allemaal te doen. Verderop in de cursus ziet het er ook mooi uit: moleculaire evoluties, systematiek, de “Tree of Life”… Goed gekozen dus!
Een probleem bij de meeste biologie-vakken zijn de practica: ik heb geen zin om beesten te gaan bepotelen, dood of levend. Zoals mijn zus ooit te horen kreeg voor een practicum Geneeskunde: “Gelieve nog even te wachten, de cavia is nog niet dood!” Dat zal hier niet het geval zijn! Er zijn een aantal practica, maar dat zijn voor het merendeel computer-simulaties.
Voor het merendeel. Ik citeer even uit de beschrijving van het eerste practicum van morgen:
Duid één persoon van je groep aan die als predator gaat optreden, m.a.w. die de pissebedden gaat vangen. De andere leden van de groep houden tijdens het experiment in het oog of er geen pissebedden ontsnappen en tellen het aantal gevangen dieren.
Jazeker, we gaan op pissebeddenjacht. We krijgen er 50 in een doosje, laten ze los in een arenda, vangen de helft, en zien dan of die groep te onderscheiden is van de andere groep. Daarvoor meten we de lengte, het aantal dorsale platen, en de snelheid van de dieren. Op een racebaan.
Dan toch liever een dode cavia.
Succes ermee! Bij ons was de filosofie: als een labo volledig mislukt moet je het opnieuw doen…
Ik zou denken dat als een labo nucleaire technieken mislukt er geen labo meer is? Toch niet voor de komende tienduizend jaren? Of werken jullie met gecontroleerde hoeveelheden?
En als je nog nooit een onderzoeksresultaat verzonnen hebt, dan is het duidelijk dat industrieel ingenieur geen echte academische opleiding is! Tss, en dat wilt dan inkantelen…
1 ding hebben jullie toch al gemeen met geneeskunde:
gewichtige namen geven aan belachelijke zaken. Ik zou het interessant vinden om in een gesprek even te vermelden: ” Toen mijn broer predator was, …”
Ga ervoor en stel je kandidaat!
Op het einde van de les ging kwam er iemand naar voren die wiskunde volgt en dit ook als verbredingsvak heeft. Voor haar was het practicum niet te combineren met haar andere lessen. Daarop was de prof zo vriendelijk te antwoorden dat het practicum voor de niet-biologen niet verplicht was, want wij hebben er toch niet zoveel aan. Ik heb de pissebedden dus met plezier aan mij voorbij laten gaan!
Het is wel eens iets anders. Ik herinner me immers nog een groepswerkje uit mijn universiteitsjaren (lang lang lang geleden), dat ik samen met jou gedaan heb. Het schrijven van een programma dat uren en uren draaide (het werkje van de meeste groepen crashte omdat ze out-of-memory raakten) en dan uiteindelijk “yes” of “no” zei.
Pissebedden is dan wel eens iets anders. Alhoewel ik moet toegeven dat ik het toch liever zie gebeuren dan laat gebeuren
.
Mocht je ooit in de knoop geraken met evolutie en fylogenie, laat het dan maar weten, dan help ik wel. Oh ja, het blijft niet altijd zo leuk en de practica vallen wel mee.